SCHONE TOEKOMST

In deze tijden van klimaatsopwarming is het belangrijk een positief toekomstbeeld te schetsen van hoe onze wereld eruit zou kunnen zien, ipv doemscenario’s af te laten spelen. Als we werken naar de positieve toekomst, weten we welke stappen we moeten ondernemen om hiertoe te geraken.

Mijn drijfveer is om terug een mensheid te creëren die samenwerkt met de natuur en de natuur versterkt, beter maakt, gezonder maakt, en daarbij ook mens en dier gelukkiger maakt. Ik neem jullie mee naar de toekomst!

Voedsel en ruimtegebruik

Ik stel me het volgende voor: de stad is waar de meeste mensen wonen. Dit wordt ook reeds voorspeld door de UN: tegen 2050 zal 68% van de wereldpopulatie in steden wonen. Ik stel me voor dat er in Vlaanderen komaf wordt gemaakt met de lintbebouwing, en dat men enkel op het platteland gaat wonen als het werk zich daar in de buurt bevindt. Zoals ook door Carolyn Steel wordt voorgesteld. Dit wil zeggen dat men meestal aan landbouw doet. Dit niet meer op de conventionele manier, waar boeren worden uitgebuit en steeds meer de gronden uitputten. Waar ze aan monocultuur doen en ze vastzitten. Waar ze enkel door uitbreiding hun hoofd boven water kunnen houden, waar ze meer dieren op kleinere oppervlaktes houden, meer melk produceren voor steeds minder geld en steeds meer pesticiden moeten gebruiken om de opbrengst te kunnen garanderen.

In de nieuwe landbouw wordt voedsel het nieuwe goud. Mensen betalen terug de juiste prijs voor voeding en de boerenstiel krijgt terug een belangrijke en gerespecteerde plaats in de maatschappij. Ik stel me een schakering van voedselbossen en CSA’s voor die gelegen zijn rondom de stad en deze gaan voeden. De boeren herstellen het land en produceren het voedsel voor de dichtstbijzijnde stad. Ook wordt de natuur hersteld waar mogelijk en geven we weer ruimte aan bossen en extra natuurgebied.

Twee termen zijn hier dus van belang:
1. Voedselbossen: Een voedselbos is een open bosrandlandschap waarvan het overgrote deel van de planten eetbaar zijn. Een voedselbos mag zich natuurlijk gedragen en vraagt bijgevolg erg weinig onderhoud. Het grootste werk na de opstartfase is eigenlijk oogsten. De aanleg van een voedselbos vergt een vrij grote voorkennis. De functionaliteit van je voedselbos op lange termijn staat of valt met een goede voorbereiding en het toepassen van de juiste beheermethodes, maar hiervoor zijn er specialisten. Meer en meer kennis wordt momenteel opgedaan rond voedselbossen. Ze zullen zeker talrijker worden in de komende jaren. Een prachtige plek waar allerlei dieren welkom zijn en hun plek hebben!

2. CSA staat voor Community Supported Agriculture. Dit is een prachtig model dat de boer en de natuur terug centraal stelt. Groenten, fruit en dierlijke producten van een landbouwbedrijf in de buurt worden geteeld op een ecologische manier. Dit is arbeidsintensiever en kan een grote bron van werkgelegenheid vormen.

Als deelnemer betaal je vooraf en eet je elke dag lekkere, verse producten en neem je tegelijk verantwoordelijkheid op. Je geeft de professionele landbouwer bestaanszekerheid en zorgt mee voor het voortbestaan van duurzame landbouw. Er is geen schakel meer tussen de landbouwer en de consument, waardoor je weet waar je producten vandaan komen. Zo kan je aan een lage prijs toch een eerlijk loon aan de boer geven.

En diepere connectie met de natuur en zelf je groenten gaan plukken, maken je gewoon gelukkiger. Volgens Carolyn Steel zijn veel mensen bereid om terug aan landbouw te doen, net door die sterkere connectie met de natuur.

Groene steden
In de steden rijden bijna geen auto’s meer. Alle auto’s die er rijden zijn deelwagens, of wagens voor professionele activiteiten bijvoorbeeld voor de bouwsector die met zware materialen moeten rijden. Maar elk deel van de stad is bereikbaar met de fiets. Je kan je naar andere steden makkelijk verplaatsen met de trein, doordat het treinnetwerk snel, efficiënt en goed uitgebouwd is. Nu er minder auto’s zijn, worden de straten terug gegeven aan de bevolking. Er komt meer natuur in de stad en waar mogelijk speelt water ook een heel belangrijke rol. We kunnen terug zwemmen in het water…

Er ligt ook geen zwerfafval meer in de stad. Alle producten zijn volledig circulair geworden. Plastic verpakking wordt ofwel volledig gerecycleerd en heeft terug waarde bij inzameling, ofwel wordt deze zelfs helemaal overbodig. Goedkope, snelle producten bestaan niet meer. Overal in de stad staan herstelplaatsen voor kledij, toestellen etc. Niets is nog wegwerp. In elke buurt (misschien een paar straten groot) staan deel-depots met toestellen die je kan huren voor een lage prijs. Zo hoeft bijvoorbeeld niemand nog een grasmachine te bezitten, gereedschap wordt gedeeld, net zoals alles wat men niet alle dagen nodig heeft. Bezit bestaat nog nauwelijks. I.p.v. koelkasten, kopen we koeltijd, en de meest efficiënte koelkasten worden geïnstalleerd zodat die een zo laag mogelijk verbruik hebben. Je betaalt dan nog enkel voor de koeltijd, maar niet meer voor de koelkast zelf. Die blijft eigendom van het bedrijf.

Zinvolle jobs
Ook onze tijdsindeling verandert. We werken minder, zijn terug sterker verbonden met onze leefgemeenschappen en hebben met z’n allen het woordje druk uit onze agenda kunnen schrappen. Alle jobs zijn zinvol. We besteden meer jobs aan zorg, onderwijs, cultuur en andere low carbon activiteiten. Technologie en natuur gaan vanaf nu hand in hand. Het ‘bruto nationaal product’ is geschrapt en vervangen door “bruto nationaal geluk”.

(by: Nele)